Er bestaat geen grotere teleurstelling voor de eigenaar van een gerestaureerde klassieke sportwagen dan de ontdekking dat zijn voertuig niet zonder meer aan het hedendaagse keuringsregime voldoet. Wie jarenlang heeft gewerkt aan een Austin-Healey uit de jaren vijftig of zestig — een machine die ooit over de Mulsanne Straight scheurde of de Liège-Rome-Liège overleefde — stuit vroeg of laat op de vraag welke technische eisen nu eigenlijk van toepassing zijn op een auto die ouder is dan de meeste keuringsambtenaren zelf.
De historische voertuigstatus en wat die werkelijk betekent
In Nederland bestaat al geruime tijd een aparte categorie voor voertuigen die een bepaalde leeftijdsgrens hebben bereikt, en de regels rondom die categorie zijn over de jaren geleidelijk aangepast, soms versoepeld, soms aangescherpt, afhankelijk van het politieke klimaat en de druk vanuit veteranenorganisaties. De grens van dertig jaar wordt doorgaans gehanteerd als ijkpunt, maar daarmee is de zaak geenszins afgedaan: een voertuig dat als historisch wordt aangemerkt, moet in principe nog altijd voldoen aan de eisen die golden op het moment van zijn eerste toelating tot het verkeer, tenzij latere aanpassingen zijn doorgevoerd die een herkeuring vereisen.
Dit is een punt waarover veel verwarring bestaat, en die verwarring is begrijpelijk. Wanneer u op een Austin-Healey 3000 uit 1961 een later type rembekrachtiger monteert — wat overigens een ingreep is die ik zelf lange tijd heb overwogen, alvorens te besluiten de originele Girling-installatie te reviseren — dan kan dat worden beschouwd als een wijziging die de auto buiten de oorspronkelijke typegoedkeuring brengt. Of dat in de praktijk ook consequenties heeft, hangt af van de interpretatie van de keuringsinstantie en van de vraag of de wijziging als veiligheidsverbetering of als constructiewijziging wordt geclassificeerd.
De Britse Motor Industry Research Association heeft in de jaren zestig uitgebreide documentatie bijgehouden over de technische specificaties van de voertuigen die toen werden geproduceerd, en het is die documentatie — aangevuld met de originele werkplaatshandboeken van BMC — waarop ik mij bij discussies met keuringsinstanties doorgaans beroep. Dat dit niet altijd tot een vlotte afhandeling leidt, zal iedere eigenaar van een Healey Big Six bevestigen.
Publiciteit rondom klassiekers en de maatschappelijke discussie
Het is opmerkelijk hoe de discussie over klassieke voertuigen op de openbare weg de afgelopen jaren een breder publiek heeft bereikt. Waar deze kwestie vroeger uitsluitend werd besproken in de beslotenheid van veteranenclubs en op de pagina’s van gespecialiseerde tijdschriften, is zij inmiddels doorgedrongen tot de algemene berichtgeving. Zo heeft de NOS meerdere malen aandacht besteed aan de spanning tussen milieubeleid en de positie van historische voertuigen, een discussie die in landen als Duitsland en Frankrijk al langer speelt maar ook in Nederland aan scherpte wint.
Die maatschappelijke aandacht is een tweesnijdend zwaard. Enerzijds vergroot zij het begrip voor de eigenaren van klassieke voertuigen, die doorgaans niet met hun auto naar de supermarkt rijden maar haar koesteren als een rijdend historisch document. Anderzijds roept zij ook vragen op over uitstoot en eerlijkheid, vragen die ik niet wil wegwuiven maar die naar mijn mening worden gesteld zonder voldoende kennis van de werkelijke gebruiksfrequentie van dergelijke voertuigen. Een Austin-Healey die vier keer per jaar aan een rally of een concours deelneemt en voor het overige in een droge garage staat, heeft een andere milieu-impact dan een dagelijks gebruikte auto, en het is jammer dat dit onderscheid in de publieke discussie zelden scherp wordt gemaakt.
Voor de eigenaar van een historische sportwagen is het verstandig deze discussie te volgen, niet om er politiek in te gaan staan, maar om te begrijpen welke regelgeving er mogelijk aankomt en hoe veteranenorganisaties daarop reageren. De Federatie Historische Automobiel- en Motorfiets Clubs is in dit verband een onmisbare gesprekspartner gebleken, al vergt het soms geduld om de specifieke situatie van een Britse sportwagen uit de vroege jaren zestig te laten landen in een overlegstructuur die primair is ingericht op het gemiddelde geval.
Wat een keuring van uw Healey in de praktijk inhoudt
Wie zijn gerestaureerde Austin-Healey voor het eerst naar de APK-lijn rijdt, doet er goed aan zich grondig voor te bereiden, en met grondig bedoel ik niet alleen het controleren van lichten en banden maar het systematisch doorlopen van alle onderdelen die een keuringsambtenaar zal beoordelen op basis van de destijds geldende normen. De chassis-documentatie is daarbij van het grootste belang: het chassisnummer, het motornummer en — bij een Healey — het carrosserienummer moeten overeenkomen met de papieren, en bij een auto die een bewogen geschiedenis heeft gehad, is dat minder vanzelfsprekend dan het klinkt.
In mijn eigen geval bleek bij de eerste keuring na de restauratie dat het motornummer weliswaar klopte met de registratiepapieren, maar dat de motor zelf een revisie had ondergaan waarbij de cilinderkop was vervangen door een exemplaar van een latere productiedatum. Dit leidde tot een discussie die uiteindelijk werd beslecht door het overleggen van documentatie uit het BMC Heritage Trust-archief, waaruit bleek dat dergelijke kruisbestuivingen al tijdens de originele productie voorkwamen en dus niet als constructiewijziging konden worden aangemerkt. Ik vertel dit niet om de keuringsinstantie in een kwaad daglicht te stellen — de ambtenaar in kwestie handelde volledig te goeder trouw — maar om duidelijk te maken hoe belangrijk het is om uw archief op orde te hebben voordat u de keuring ingaat.
De volgende punten verdienen bijzondere aandacht bij de voorbereiding:
- Reminstallatie: controleer of de remvloeistof voldoet aan de specificaties die golden bij de bouw van de auto, en let op de conditie van de remslangen, die bij een Healey van zestig jaar oud vrijwel altijd aan vervanging toe zijn
- Stuurinrichting: speling in de stuurkolom wordt strenger beoordeeld dan menigeen verwacht, en de originele Cam Gears-stuurbox van de Healey heeft na decennia gebruik doorgaans meer speling dan toelaatbaar is
- Verlichting: de originele Lucas-verlichtingsinstallatie voldoet in principe aan de eisen van de bouwperiode, maar als u de dynamo heeft vervangen door een alternator — een ingreep die ik zelf heb doorgevoerd en die ik iedere eigenaar aanbeveel — zorg dan dat de bekabeling dienovereenkomstig is aangepast
- Uitlaatemissie: voor voertuigen zonder katalysator gelden aparte normen, maar ook hier is de bouwperiode bepalend; een carburateur die goed is afgesteld op de originele specificaties, haalt die normen doorgaans zonder problemen
Het is een misverstand dat een historisch voertuig automatisch vrijgesteld is van technische eisen. De vrijstelling betreft de frequentie en de toepasselijke normstelling, niet de verplichting om in technisch deugdelijke staat te verkeren. Wie dat onderscheid niet maakt, riskeert niet alleen een afkeuring maar ook aansprakelijkheid bij een eventueel incident op de openbare weg.
Tot slot
De keuring van een klassieke sportwagen is geen bureaucratische hindernis maar een legitieme toets van de vraag of een voertuig dat decennia geleden werd ontworpen nog veilig kan deelnemen aan het hedendaagse verkeer. Wie zijn Healey met de nodige zorgvuldigheid heeft gerestaureerd, wie de archieven heeft geraadpleegd en de technische documentatie op orde heeft, hoeft die toets niet te vrezen. Het vergt voorbereiding, kennis van de toepasselijke regelgeving en soms de bereidheid om een discussie aan te gaan met een keuringsinstantie die niet dagelijks een Austin-Healey 3000 op zijn lift heeft staan. Maar dat is, naar mijn ervaring van vele jaren met deze auto, precies de combinatie van eigenschappen die ook nodig is om een wrak uit de jaren tachtig tot een rijdend voertuig te maken.


