De Mille Miglia is een naam die zelfs de meest nuchtere autohistoricus even doet stilstaan. Duizend mijl door Italië, over bergpassen en door dorpsstraten, gereden door fabrieksrijders én amateurs die soms nauwelijks wisten wat hun te wachten stond. Dat de Donald Healey Motor Company in de vroege jaren vijftig aan deze race deelnam, is een feit dat in de meeste Engelstalige overzichtswerken terloops wordt vermeld, maar dat bij nader inzien een veel rijker verhaal bevat dan één alinea rechtvaardigt.
De oorsprong van de race en het karakter van het parcours
De Mille Miglia werd voor het eerst verreden in 1927, op initiatief van een groep Bresciaanse autofanaten die vonden dat de Grand Prix van Italië te veel een Milanese aangelegenheid was geworden. Het parcours liep van Brescia naar Rome en terug, en het veranderde door de jaren heen van karakter: soms meer snelweg, soms uitgesproken bergachtig, altijd onvoorspelbaar. Wie de route bestudeert op oude kaarten, ziet meteen dat de deelnemers niet alleen met hun concurrent vochten, maar ook met het asfalt zelf — of liever gezegd, met het gebrek daaraan op bepaalde trajecten.
Voor een kleine Britse constructeur als Healey betekende deelname aan dit soort evenementen iets wezenlijks: het was de enige manier om naam te maken op het continent, in een tijd dat advertentiebudgetten ontbraken en reputatie uitsluitend werd opgebouwd door resultaten. Donald Healey begreep dat als geen ander, en hij stuurde zijn wagens en zijn rijders naar Italië met een mengeling van zelfvertrouwen en pragmatisme die typerend was voor zijn aanpak.
De Healey Silverstone als werktuig voor de lange afstand
De Healey Silverstone, gebouwd tussen 1949 en 1950, was in veel opzichten een merkwaardig voertuig: licht, smal, uitgerust met een Riley-motor die zijn wortels had in de jaren dertig, maar door Healeys ingenieurs zo grondig was bewerkt dat hij voor zijn tijd opmerkelijk betrouwbaar was over lange afstanden. Het chassis was een gesloten boxframe van staalplaat, wat destijds nog niet vanzelfsprekend was bij kleine fabrikanten, en de wielophanging was eenvoudig maar doeltreffend.
Wat de Silverstone geschikt maakte voor een rit van duizend mijl, was niet zozeer zijn topsnelheid — die lag rond de 170 kilometer per uur, afhankelijk van de afstelling — maar zijn vermogen om uren achtereen zonder problemen te presteren. Rijders die hem kenden, beschreven de stuurbekrachtiging als afwezig maar direct, de remmen als afdoende mits men ze niet te lang achter elkaar zwaar belastte, en de zitpositie als een compromis dat na honderd kilometer begon te knagen.
Chassisnummers als historisch bewijs
Wie serieus onderzoek doet naar de Mille Miglia-deelname van Healey, stuit onvermijdelijk op de kwestie van de chassisnummers. De fabriek hield registers bij, maar die zijn niet altijd volledig bewaard gebleven, en de nummering volgde een logica die pas duidelijk wordt als u meerdere bronnen naast elkaar legt. Een artikel op Wikipedia over de Mille Miglia biedt een bruikbaar startpunt voor de chronologie van de race zelf, maar voor de specifieke deelnemerslijsten en de chassisnummers van de Healeys is archiefonderzoek in Warwick onvermijdelijk.
Ik heb in de loop der jaren kunnen vaststellen dat minstens drie Silverstones aan de Mille Miglia hebben deelgenomen, waarvan één exemplaar later werd geïdentificeerd aan de hand van een ingeslepen reparatie aan het rechter voorste chassisgedeelte — een detail dat pas zichtbaar werd nadat de latere eigenaar de bodemplaat had verwijderd voor een routinecontrole. Zulke sporen vertellen een verhaal dat geen enkel logboek volledig vastlegt.
De rijders: namen die verdienen te worden onthouden
De Britse rijders die namens Healey aan de Mille Miglia deelnamen, waren geen fabrieksrijders in de moderne betekenis van het woord. Het waren vaak gentleman-drivers die hun eigen kosten droegen of deels werden gesponsord door de importeur in hun regio. Tommy Wisdom was er één van: journalist, rijder en organisator tegelijk, een man die zijn verslagen over de race schreef met de autoriteit van iemand die de gevaarlijkste bochten uit eigen ervaring kende.
Naast Wisdom waren er rijders wier namen in de hedendaagse literatuur nauwelijks nog opduiken, maar die in de startlijsten van de vroege jaren vijftig gewoon aanwezig zijn. Ik beschouw het als een taak van de autohistoricus om die namen niet te laten verdwijnen in de marge van de grote verhalen over Ferrari en Alfa Romeo — niet omdat de resultaten spectaculair waren, maar omdat de aanwezigheid zelf iets zegt over de ambitie van een kleine constructeur.
Wat deze geschiedenis betekent voor de eigenaar van een Healey
Als u, zoals ik, een Healey bezit die u zelf heeft gerestaureerd, geeft de kennis van dit raceerfgoed een andere dimensie aan het onderhoud. Het is niet louter nostalgie die u ertoe brengt de originele Riley-motor te bewaren in plaats van hem te vervangen door iets moderner en gemakkelijker te onderhouden. Het is het besef dat deze motor een directe verwant is van de motoren die over de Apennijnen reden, door de nacht, bestuurd door mensen die de weg niet kenden maar de auto wel.
Tot slot
De Mille Miglia als historisch fenomeen is uitvoerig gedocumenteerd, maar de rol van de kleine Britse constructeurs daarin verdient meer aandacht dan hij gewoonlijk krijgt. De Healey Silverstone is geen Ferrari en was dat nooit, maar hij reed dezelfde wegen, in hetzelfde tijdperk, met dezelfde combinatie van kwetsbaarheid en doorzettingsvermogen die grote races nu eenmaal vereisen. Dat is genoeg reden om de chassisnummers te controleren, de archieven te raadplegen en de motor met zorg te behandelen.
Leave a Reply